Expert docenten

Expert docenten (volgens Hattie, 2013) houden rekening met alle – soms aan elkaar tegengestelde – behoeftes van de verschillende leerlingen in de (natuurkunde) klas (mannelijk en vrouwelijk; N&G en N&T; met of zonder wiskunde B of D). In dit stuk wil ik samenvatten wat het optimaliseren van het zelfbeeld voor een eisen stelt aan deze expert docenten. Dit betekent natuurlijk niet dat er niet ook andere optimalisaties nodig zijn.

Ik vat hiermee samen wat in de vorige blogs over motivatie en zelfoverschatting aan de orde is geweest met daarbij ook wat er nodig is om extreem getalenteerde leerlingen uit te dagen. Kortom, het gaat om de diverse groep leerlingen in een standaard vwo-natuurkundeklas.

Natuurkundedocenten, die hun leerlingen willen motiveren/stimuleren om voor natuurkunde te werken, moeten de lessen sterk sturen (autoriteit – vooral bestaande uit structuur, consistentie en orde). N&T-jongens worden gestimuleerd om te werken door practica en (vaak buiten-curriculaire) activiteiten in de les en het enthousiasme van de docent. Dit terwijl anderen de lestijd juist nodig hebben om accurate kennis op te doen (en fouten in hun kennis aan te pakken). Expert docenten kunnen passende lessen voor al hun leerlingen bieden, door differentiatie in de activiteiten aan te brengen en/of door lessen te geven die tegelijkertijd uitdagend zijn voor N&T-jongens en toch ook de leerlingen, met een wat lagere capaciteit, de nodige steun bieden in hun leerproces.

Expert natuurkunde docenten, die zelfoverschatting willen voorkomen, moeten hun toetsen op precies het juiste niveau houden. Om demotivatie bij hun vrouwelijke leerlingen te voorkomen moeten ze het vermijden hun toetsen te moeilijk te maken. {Ik lees net een artikel dat je daarbij vooral standaardvragen, zoals ze in het boek staan, moet stellen}. Maar je moet juist uitdagende toetsen maken als je de extreem goede (mannelijke N&T) leerlingen binnenboord wil houden. {Zijn er docenten onder jullie die differentieren in toetsing of tenminste in beoordeling?}
Verder zouden deze docenten in staat moeten zijn om accurate (en dat is soms negatieve) terugkoppeling te geven, zonder hun (minder goede) leerlingen te demotiveren; ze zouden hun enthousiasme (dat zo stimulerend is voor N&T- jongens) voorzichtig moeten doseren zodat dit enthousiasme hun vrouwelijke N&G leerlingen niet op een of andere manier opzadelt met een hoger dan optimaal zelfbeeld (zelfoverschatting). En ze moeten voor de N&T-jongens klassikaal opgaven behandelen om te voorkomen dat deze jongens fouten in hun kennis niet opmerken en niets van de les opsteken.

Hoe doen jullie dit alles? Dit is een goed punt om je eigen succes les of (heel leerzaam) ook je eigen mislukkingen te delen.

Kritische kanttekening:

Zoals eerder in deze blog al ter sprake is gekomen bleek het verschil in prestaties voor natuurkunde 1,2 tussen jongens en meisjes in Nederland nog relatief groot te zijn. Dit blijkt keer op keer uit allerlei internationale studies. In de bovenste tabel zie je dat het optimaliseren van het zelfbeeld, zoals hierboven beschreven, ten goede komt zowel aan jongens als aan meisjes. Maar uit de onderste tabel blijkt dat er meer jongens baat zullen hebben bij optimalisatie dan meisjes en dat optimalisatie van het zelfbeeld niets zal bijdragen aan het verkleinen van het prestatieverschil. Op een of andere manier blijft de aanpak van meisjes minder effectief dan die van jongens (zie ook de posts van de voorgaande maand.

Er is een verschil tussen jongens en meisjes die we niet kunnen (en daarom ook niet mogen) ontkennen. Het lijkt er echter op dat dit verschil afhangt van allerlei aspecten van de evolutie, van de cultuur, van de samenleving, van de opvoeding en van de omgeving waarin een kind opgroeit. We kunnen als docent dan alleen meer roeien met de riemen die we hebben. En we moeten het met de gegevenheden die de leerlingen meenemen er het beste van maken. Daar is volgens mij de expert docent, zoals Hattie die gedefinieerd heeft, goed toe is staat. Voor de rest hebben we hier dus te maken met een maatschappelijk probleem. Of tenminste een probleem wat op schoolniveau om een aanpak vraagt.

  • Alleen reacties op artikelen worden gepubliceerd.
    Persoonlijke berichten (bv aanmelden voor mailinglist) worden als e-mail verwerkt.