Geneeskunde

In deze post staat de geneeskundestudent centraal. Geneeskundestudenten zijn (door hun grote aantallen) in mijn onderzoek zeer dominant, maar ook aan de bètakant van het vwo- en wo-onderwijs (buiten de geneeskundestudie zelf) kun je niet om hun profiel en de daarmee samenhangende eigenschappen van deze student heen.

In een onderzoek als dit - gebaseerd op verschillen tussen studenten en de gevolgen daarvan voor het (natuurkunde)onderwijs op de Nederlandse middelbare scholen en misschien hier en daar ook voor het eerstejaars bètaonderwijs op de Nederlandse Universiteiten - is het begrijpen van de karakteristieken van de geneeskundestudenten van groot belang. In de responsgroep voor de eerste vragenlijst (over het vwo-onderwijs; 2008-2009) waren de geneeskundestudenten al oververtegenwoordigd (vooral in de groep vrouwelijke N&G-studenten). Deze relatief grote groep studenten bleek na een klein jaar ook weer zeer gemotiveerd om mijn tweede vragenlijst in te vullen, waardoor het aandeel geneeskundestudenten, wat al relatief groot was, alleen nog maar groter is geworden (zie de blogpost van vorige week).

Maar niet alleen om onderzoekstechnische redenen, ook in de dagelijkse praktijk van het onderwijs had (en heeft) de potentiële geneeskundestudent een grote invloed. In mijn interviews met vwo- natuurkundedocenten is deze (meest) vrouwelijk N&G-leerling op allerlei manieren ter sprake gebracht en uit de opmerkingen van deze docenten sprak vaak een welgemeende zorg om juist deze leerlingen - die zelf het nut van natuurkunde voor hun studie niet echt inzagen - toch nog te motiveren. Maar ook klonk er soms frustratie en onmacht in hun verhaal door, omdat het niet altijd duidelijk was hoe aan de specifieke behoeften van deze leerlingen te voldoen. Traditioneel lijkt de oplossing te liggen in het aanbieden van natuurkunde in een (liefst medische gerichte) context. Je kunt je alleen afvragen of dit wel een context is, waar de gemiddelde natuurkundedocent - die qua profiel sterk afwijkt van de gemiddelde vrouwelijke N&G-geneeskundestudent - affiniteit mee heeft? Kan hij(!) hiermee overweg? Ja zeker, we hebben (traditioneel gezien) een stukje radiologie in ons curriculum. Maar waar deze geneeskundestudenten zelf mee aankomen is de context van de bloedsomloop bij het aanleren van de wet van Ohm. Op sommige geneeskundeopleidingen is hier ervaring mee, heb ik van de studenten begrepen. Kunnen wij hier in het vwo-natuurkundeonderwijs ook wat mee? En willen we dat? We hebben ook nog te maken met heel andere leerlingen (en respondenten) waar we rekening mee willen houden. Stap voor stap wil ik in deze blog op zoek gaan naar aspecten van het onderwijs, die voor de keuzes die wij als docenten maken van belang blijken te zijn. Echter, elke keuze is altijd een intuïtieve afweging tussen veel en soms tegenstrijdige belangen. En het kennisnemen van deze (tegenstrijdige) belangen die in de klas (maar ook nog in de collegebanken) een rol spelen zal ons misschien wel duizelen, maar zal onze intuïtie toetsen en hopelijk uiteindelijk optimaliseren.

Ik nodig u in dit kader uit mijn profielschets van de geneeskundestudent te lezen. Een deel van dit profiel werd duidelijk bepaald door het feit dat hier de hardwerkende en goedpresterende studenten uit de pool van andere studenten werden weg geselecteerd (vooral bij de vrouwelijke N&G studenten). Een logische vraag is dan of dit nu wel de mensen zijn die uiteindelijk de beste artsen opleveren. Een (wat complexe) uitwerking van dit probleem voor het blad TMO (Tijdschrift voor Medische Onderwijs) is nooit gepubliceerd, maar hier wel beschikbaar. Het gaat in dit artikel onder andere over de effectiviteit en kwaliteit van wat in dit onderzoek als 'hard werken' naar voren komt.

Het profiel van de biomedische wetenschappen student is een goed voorbeeld van de hierboven beschreven invloed van de geneeskundestudie op het functioneren van studenten in (aanverwante) studierichtingen. In het studiejaar van dit onderzoek (2008-2009) hadden de faculteiten biomedische wetenschappen in Leiden en Utrecht al een loting ingevoerd en die in Amsterdam (VU en UvA) nog niet. De data tonen een belangrijke reden waarom deze numerus fixus nu in alle biomedische wetenschappenstudies in Nederland is ingevoerd.

  • Alleen reacties op artikelen worden gepubliceerd.
    Persoonlijke berichten (bv aanmelden voor mailinglist) worden als e-mail verwerkt.